zo 19 april 2020

Overdenking



Johannes 20 vers 19 t/m 31

Gemeente van onze Heer Jezus Christus,

Van Lijdenstijd naar Pasen. Van dood naar leven. Van verdriet naar vreugde. We voelen allemaal wel aan dat die overgang dit jaar niet zo makkelijk is. Moeilijker dan normaal om mee te maken. Moeilijker om te vieren. Ja, we geloven dat het graf leeg is. Christus is opgestaan, de dood is overwonnen, onze zonden zijn vergeven, en de liefde wint. Dat geloven we allemaal.
En toch.
Het virus gaat verder. “Opnieuw 2000 mensen meer overleden dan gemiddeld.” zo lees ik. En de cijfers van mensen die psychologisch lijden, of financieel, als gevolg van de pandemie zijn te hoog om te tellen. Het duizelt ons.
Hoe moeten wij spreken over de opstanding in een tijd waarin de dood lijkt te regeren? Kunnen wij nog iets met die opstanding? Wat moeten wij met deze ‘kern van ons geloof’? Of moeten we het vooral zien als een mooi beeld, een theologische metafoor?

Gelukkig, Gode zij dank, zijn dit vragen die al eeuwen bestonden voordat het virus uitbrak. We zijn zeker niet de eersten die zulke vragen stellen. De allereersten waren de leerlingen waar we over lazen. Die leerlingen zijn volledig uit het lood geslagen. Ze weten het niet meer. Ze weten niet meer dat Jezus hun meerdere keren had verteld over zijn dood en over wat er daarna zou gebeuren. Ze weten het niet meer en hebben in hun verdriet elkaar opgezocht. Maar naast hun verdriet is er nog een reden om zich af te sluiten: angst. De leerlingen zijn bang. Bang voor de Joden. Uit angst voor de Joden houden ze de deuren dicht. Zelf waren ze natuurlijk ook Joods. Maar hun angst is dat ze er volgens de anderen niet meer bij horen. Jezus was opgepakt, gemarteld en op gruwelijke wijze gedood. Dat kan hen nu ook overkomen, als ontdekt wordt dat zij ook bij die Jezus horen. Of bij die Jezus hadden gehoord. Want horen ze nog bij Jezus? Ze waren allemaal gevlucht toen het er op aankwam. Horen ze nog bij Jezus? Ze weten het niet meer. Zo zitten ze bij elkaar in angst, in onzekerheid en verdriet. Afgesloten van alles en iedereen.

En dan komt Jezus. Dwars door alles heen komt Jezus. De angst, de onzekerheid, het verdriet, het ongeloof. Jezus breekt er doorheen. Ineens staat Hij in hun midden. De deuren waren gesloten. En toch is Jezus daar. Hij hoefde niet te kloppen, Hij hoefde niet de deur te forceren. Jezus is er simpelweg. Hij is geen geest. Hij heeft een lichaam. Een lichaam vol wonden. Hij is het werkelijk. Wat betekent dat voor ons? Het betekent dat Jezus daar kan komen waar niemand anders kan komen. Hij kan daar komen waar je psycholoog niet kan komen. Hij kan daar komen waar je dokter niet kan komen. Hij kan daar komen waar je geliefden niet kunnen komen. Hij kan je bereiken, Hij kan bij je komen, overal en altijd. Er is geen plek en geen situatie waar Jezus niet in kan doordringen.
Er is niemand zoals Hij. Hij leeft en Hij is tot dingen in staat die wij niet voor mogelijk houden.

De leerlingen zijn bang. De leerlingen zijn doodsbang en dat is te begrijpen ook. Maar Jezus komt in hun midden. Jezus komt niet met verwijten. Hij stelt ook geen vragen. Vrede, dat is wat Hij komt brengen. ‘Ik wens jullie vrede’. Vrede zij met jullie. Shalom. Een hele gewone Joodse groet, maar wel met een nieuwe lading. Vrede. Rust in de storm van angst. Vrede. Een anker in de storm van twijfel. Vrede, want Jezus is er. Midden in de stormen is Jezus er. Hij is niet dood, Hij is niet afwezig. Hij leeft.
De leerlingen voelden zich machteloos en krachteloos. En ze hadden niets meer om voor te leven. Maar Jezus komt dat allemaal omdraaien. Hij brengt vrede in de angstige onrust. Hij schenkt de kracht die zo nodig is. En Hij geeft een hernieuwd doel om voor te leven. De leerlingen worden apostelen: ze worden erop uitgestuurd om getuigen te worden.

Maar de eerste tegen wie ze kunnen getuigen, Tomas, gelooft niet. Dat moet een bittere teleurstelling geweest zijn. En dat is een teleurstelling van alle tijden: Als de Paasboodschap niet landt bij anderen, terwijl je zelf vol bent van de ontmoeting met Jezus, de opgestane Heer. Ondanks
de kracht van de Geest wil het niet altijd lukken. De leerling-apostelen falen in hun eerste missie. Dat
zal frustrerend zijn geweest. Tomas blijft bij zijn standpunt: eerst zien, dan geloven. Maar het mooie
is wel, dat hij niet alleen bij zijn standpunt blijft, maar ook aanwezig blijft. Er is in de gemeenschap
van de volgelingen van Jezus ruimte voor een twijfelaar. Er is ruimte voor vragen, voor niet zomaar
aannemen. En het is ook veelzeggend dat Jezus hem, Tomas de twijfelaar, de ongelovige, vervolgens
opzoekt in de gemeenschap en dus niet daarbuiten. Terwijl het ook denkbaar is dat Jezus aan Tomas
apart zou verschijnen. Maar nee, het gebeurt dus in de gemeenschap. Geloven doe je niet alleen. De
gemeenschap is nodig.

Die gemeenschap, het samenzijn met elkaar, dat missen wij op dit moment. Gelukkig zijn er wel
allerlei mogelijkheden om in contact te blijven. Daar maken wij ook dankbaar gebruik van en daar
ondervinden we ook zegen van. Maar het echte contact, de gemeenschap, dat missen we. Wellicht
dat we juist in deze tijd ontdekken welke kracht er in onze ‘mienskip’ en de ontmoeting zit.

Voor ons geloof zijn we ook afhankelijk van de ontmoeting. Een ontmoeting met de opgestane Heer.
Dat leren we ook uit het verhaal van Tomas. Uiteindelijk gaat het daar niet meer om beweringen, om
geloofsstellingen of wat dan ook. Het is ook maar de vraag of Tomas die wonden nog wel heeft
aangeraakt. Nee, als Jezus komt in hun midden en zich op Tomas richt dan is de persoonlijke
ontmoeting voldoende voor Tomas. Dat brengt hem tot zijn belijdenis. Geloven is niet de uitkomst
van een redenering, niet het hebben van een antwoord op alle vragen, maar geloven is de vrucht van
een ontmoeting.

Om tot zo’n ontmoeting te komen, zijn wij steeds weer aangewezen op het getuigenis van anderen.
Ze kunnen ons niet overtuigen. Dat hoeft ook niet. Maar ze getuigen. Wat zíj gezien hebben, wordt
ons verteld. Vandaar de Bijbel, vandaar de preek. Ze getuigen en daarmee bereiden ze ons voor op
een persoonlijke ontmoeting met de levende Heer.
Sinds Thomas leeft het geloof van de preek, want wij zien Jezus niet. Dat blijft iets absurds. En toch,
achter de preek staat een betrouwbare getuige. En daarom mag ik ook u en jou opwekken om te
geloven. Midden in deze moeilijke tijd, vol angst en dood, zijn wij door de Levende omgeven. Zalig
ben je als je gelooft dat Jezus leeft – dan zul je mét Hem leven. Amen.

terug
 


Agenda

Bekijk de volledige agenda hier.

Komende diensten
  • 20 september: Kerkdienst Scharsterbrug
  • 27 september: Kerkdienst Scharsterbrug
  • 4 oktober: Kerkdienst Scharsterbrug
  • 11 oktober: Kerkdienst Scharsterbrug
  • 18 oktober: Kerkdienst Scharsterbrug
  • 25 oktober: Kerkdienst Scharsterbrug

Volg ons!

Facebook | YouTube